Paardenvoer voor oude seniore met gebitsproblemen

Praktische tips over paardenvoer voor paarden met gebitsproblemen.

  • Wat moet ik doen om een mager paard dikker te krijgen?
  • Wat is senior paardenvoer?
  • Mijn paard heeft een gebitsprobleem, wat nu?
  • Wanneer is een paard oud?
  • Welk merk paardenvoer is het beste?
  • Hoeveel voer heeft mijn paard nodig?
  • Welk merk paardenvoer is het beste?

Deze vragen worden regelmatig door paardenliefhebbers gesteld. En terecht! Er is een onlosmakelijk verband tussen een gebitsprobleem en het paardenvoer.

Beschikbaarheid van voedingsstoffen uit paardenvoer


“Door kauwproblemen komen aanwezige nutriënten en belangrijke bouwstoffen uit paardenvoer niet volledig tot beschikking.”


Goed samengesteld paardenvoer bevat alle voedingsstoffen die paarden nodig hebben. Maar seniore kunnen de voedingsstoffen niet optimaal benutten omdat er gebitsproblemen zijn ontstaan.

Waardoor ontstaan gebitsproblemen eigenlijk?

Om te beginnen maakt de onderkaak elke dag veel kauwbewegingen, waarbij enorme kracht op de kauwvlakken van de kiezen wordt uitgeoefend.

Deze kracht veroorzaken dat kiezen slijten. Alleen de afslijting van de kauwvlakken is niet overal gelijk, met als gevolg dat de kauwvlakken na verloop van tijd niet op elkaar aansluiten.

Hoewel dat dit proces van slijtage niet kan worden tegengegaan kan door gebitsbehandeling het effect van gebitsafwijkingen worden verminderd.

Al met al, als paarden ouder worden ontstaat ten gevolge van onvolkomen afslijting gebitsafwijkingen. Ten eerste ontstaan er scherpe punten aan de zijkanten van de kauwvlakken. Ten tweede worden kauwvlakken van de kiezen hobbelige waardoor de afzonderlijke kiezen enorme druk krijgen te verduren. Hierdoor komen ze los en uiteindelijk eruit vallen. Ten derde slijten kiezen elk jaar een paar millimeter. Met als gevolg dat op hoge leeftijd de kiezen uit de kaak tuimelen.

Gebitsproblemen veroorzaken kauwproblemen

met andere woorden, door afwijkingen en onvolkomenheden van het gebit is optimale vermaling van het paardenvoer niet mogelijk.

Hieruit volgt dat ‘de voedingsstoffen’ in het voer door paarden met gebitsproblemen minder goed kan worden benut.

Als seniore paarden gebitsproblemen hebben, is om conditie vermindering te voorkomen makkelijk te kauwen en goed verteerbaar paardenvoer nodig. Maar ook een zes maandelijkse gebitscontrole is noodzakelijk. Bovendien is de gebitscontrole het juiste moment voor advies over paardenvoer dat het beste bij het specifieke gebitsprobleem past.

In het volgende blokje lees je over: Waarom de opname van voedingsstoffen uit paardenvoer bij seniore afneemt.

Paardenvoer aanpassen aan het gebitsprobleem

 “Oudere paarden verliezen in de winter gewicht, omdat de niet optimaal sluitende kauwvlakken van de kiezen het zachte gras in de zomer ‘makkelijker’ kunnen fijn malen dan de hardere stengels van hooi en kuilgras in de winter. Vandaar het advies om voor de winter een gebitscontrole en behandeling te doen”.

Gebitsproblemen veroorzaken dat paarden onvoldoende ruwvoer, zoals hooi en kuilgras, naar binnen krijgen doordat de malende werking wordt gehinderd. De meest voorkomende problemen zijn:

  • Langzaam eten doordat het ruwvoer blijft haken achter de scherpe punten.
  • Conditieverlies door onvolledige vermaling doordat de kauwvlakken van de kiezen elkaar niet goed raken.
  • Proppen voer laten vallen doordat er kiezen ontbreken waardoor hooi ophoopt in de vrijgekomen ruimte.
  • De onderkaak kan geen malende beweging maken, het gebit staat op slot, want er ontbreekt een kies in boven of onderkaak waardoor de tegenliggende kies in de vrijgekomen ruimte zakt.

Daarbij veroorzaken gebitsproblemen verwondingen aan de tong en de wangen.

  • Door verwondingen aan de tong kan het paardenvoer tijdens het kauwen niet door de mond worden verplaatst.
  • En verwondingen aan de wangen hinderen vrijuit kauwen.

Concluderend zijn de gevolge van gebitsproblemen dat belangrijke voedingsstoffen; zoals eiwitten, mineralen en vitaminen, onvoldoende worden ontsloten. Kortom er treden tekorten op. Senioren worden mager, minder vitaal en vatbaar voor ziekten.

Benutting van voedingsstoffen

Bij senior paarden ontstaan naast kauwproblemen, extra complicaties door verminderde benutting van de verteerde voedingsstoffen.

Verminderde benutting wordt veroorzaakt door veroudering van organen, zoals lever, maag, nieren en darmen. De stofwisseling wordt dus inefficiënt doordat bijvoorbeeld de functie van nieren en lever vermindert.

Achteruitgang van organen verlaagt de opname van voedingsstoffen door het lichaam zoals eiwit en fosfor uit het paardenvoer.

Behandeling van gebitsproblemen

Gebitsproblemen kunnen al op jonge leeftijd ontstaan, globaal zijn er vanaf 14 tot 18 jaar serieuze gebitsproblemen te verwachten. Zeker als paarden niet regelmatig zijn behandeld. Jaarlijkse gebitscontrole en behandeling komen de benutting van het paardenvoer én het welzijn van paarden ten goede.

Bij gebitsafwijkingen en ‘gebitten van oudere paarden’ kunnen niet alle problemen door gebitsbehandeling worden opgelost.

Wel kan het paard door controle en gebitsbehandeling worden geholpen. En kan de eigenaar worden ondersteund met een passend advies over paardenvoer.

Hieronder volgen enkele voorbeelden van problemen die effectief kauwen onmogelijk maken. Deze afwijkingen kunnen door gebitsbehandelingen niet worden verholpen. Wel kan regelmatige behandeling voorkomen dat kiezen en tanden scherp zijn én dat de maalbeweging zo min mogelijk wordt gehinderd door obstakels.

Problemen die optimaal kauwen onmogelijk maken

  • Ontbreken van tanden en kiezen.
  • Overbelasting van de tong en tongbeen.
  • Overbelasting van het hoofd en de nek.
  • Degeneratie van kauwspieren.
  • Slijtage van kaakgewrichten.
  • Gevoeligheid ontstaan door te hoge druk op tanden en kiezen.

Het juiste paardenvoer voor senioren kiezen

De eerste stap is het kiezen van paardenvoer dat bij de staat van het paardengebit past. Is er een gebitsprobleem? Ofwel, hoe effectief kan het gebit de voedingsstoffen voor vertering en opname in de bloedbaan vrij maken?

Paarden met goede gebitten kunnen het paardenvoer optimaal fijnmalen, deze paarden hebben genoeg aan eenvoudig paardenvoer . Dit is bijvoorbeeld een rantsoen bestaand uit gras, hooi, voordroog kuilgras, geplette haver, granen zonder zaadhuid (muesli).

Het paard moet instaat zijn om het eenvoudige paardenvoer zeer goed te kauwen, d.w.z. dat het voer goed vermaalt wordt, voordat de voedingsstoffen voor het lichaam beschikbaar zijn.

Kauwprobleem en keuze paardenvoeding

Het vermalen is direct “het probleem” voor senioren als er iets mis met het gebit is. Senior paarden zijn paarden vanaf 18 tot 20 jaar oud, ze kunnen de voedingsstoffen uit het paardenvoer over het algemeen onvoldoende benutten, waardoor hun conditie verminderd.

Senior paarden en “paarden met serieuze gebitsproblemen” hebben een voerrantsoen nodig dat makkelijk verteerbaar is, en zo min mogelijk moeite tijdens het kauwen veroorzaakt, voorzien van hoogwaardige voedingsstoffen, en goed opneembare mineralen en vitaminen. Het rantsoen voor senioren moet hierom ruim voldoende makkelijk beschikbare voedingsstoffen van hoge kwaliteit bevatten.

Benutting van voedingsstoffen

De ernst van het gebitsprobleem en de leeftijd hebben invloed op de benutting van het paardenvoer voor lichaamsonderhoud en lichaamsbeweging. Jonge paarden met milde gebitsproblemen hebben voldoende aan een ‘aanvulling’ van makkelijk verteerbaar voer, zoals natte bietenpulp en sportbrok, op een rantsoen met eenvoudig paardenvoer.

“Wanneer is bietenpulp veilig om te voeren? Als de bietenpulp brokjes na wellen niet meer voelbaar zijn of ongeveer 5 uur in koud water weken. Wellen met warm water (60 gr.C) gaat aanmerkelijk sneller.Voorkom slokdarmverstoppingen! Bewaar bietenpulp altijd zo dat paarden er niet bij kunnen!”

Senioren met ernstige gebitsproblemen doen het vaak goed op weide gras en gehakselde, geconserveerde, kunstmatig gedroogde en ontsloten producten.

Dit zijn voedingsmiddelen die vrijwel moeiteloos worden opgenomen en makkelijker verteerbaar zijn . Voorbeelden van deze hoogwaardige paardenvoeders zijn: kunstmatig gedroogd gras, kunstmatig gedroogde snijmais, kunstmatig gedroogde luzerne, natte bietenpulp, geconserveerde snijmaiskuil, ontsloten granen, zemelen en seniorenvoer.

Het is wel belangrijk om een aangepast voedingsadvies te vragen als paarden voor langere tijd niet conventionele voedingsmiddelen moeten eten.

Paardenvoer voor acute gebitsproblemen

Paarden die acuut niet of nauwelijks paardenvoer kunnen eten door problemen met het gebit of door beschadiging in de mondholte kun je een rantsoen van (kunstmatig gedroogd) gras van hoge kwaliteit en natte bietenpulp gemengd met paardenbrok geven. Deze combinatie bevat voldoende ruwe celstof, energie, eiwitten, vitaminen en mineralen.

Ook senioren met gebitsproblemen doen het vaak goed op deze combinatie paardenvoer. Alléén, paarden met Cushing en paarden die gevoelig voor hoefbevangenheid zijn door fructaan opname uit gras kan het kunstmatig gedroogd gras beter vervangen worden door kunstmatig gedroogde luzerne. Wel kan luzerne door de harde stengels moeilijker opneembaar zijn. Ook kun je in deze gevallen bietenpulp vervangen door SpeediBeet.

Paardenvoer en de ruwvoerbehoefte

Voldoende ruwvoer in het paardenvoer, in het dagelijkse rantsoen, is óók essentieel voor de gezondheid van oudere en seniore paarden. 

Hoeveel ruwvoer heeft een paard nodig? Voldoende opname van ruwvoer is van groot belang voor de gezondheid en conditie van paarden.

Gebitsproblemen hebben direct invloed op de opname van ruwvoer. Het is dus van groot belang om een inschatting van de ruwvoerbehoefte te maken als paarden eetproblemen hebben.

De ruwvoerbehoefte kan via het lichaamsgewicht worden geschat. Paarden wegen is omslachtig,het is nogal lastig om het lichaamsgewicht schatten. Om ons hierbij te helpen is door middel van onderzoek een berekeningswijze gemaakt en een gewichtsmeetlint voor paarden ontwikkelt. Een andere mogelijkheid is het meten van de hoogte van de schoft; geeft een snelle indicatie.

Bepalen van dagelijkse ruwvoer behoefte

In deze tabel kun je met behulp van de schofthoogte het lichaamsgewicht schatten (Is de romp breed of smal?) en dan kan je bepalen hoeveel kilo ruwvoer per dag wenselijk is.

      schofthoogte      
             (cm)  
  lichaamsgewicht
(romp smal – breed)
  (*) ruwvoerbehoefte
  (kg ruwvoer per dag)     
           tot 1,17        200 – 300               3 ,0 – 4,5
     1,17 – 1,27        250 – 300               3,7 – 4,5
     1,27 – 1,37        300 – 400              4,5 – 6,0
     1,37 – 1,48        350 – 450               5,3 – 6,8
     1,48 – 1,57        400 – 500               6,0 – 7,5
     1,57 – 1,65        500 – 550              7,5 – 8,3
     1,65 – 1,70        550 – 625             8,3 – 9,4
     1,70 – 1,75        625- 700             9,4 – 10,5
     1,75 – 1,80        625 – 750             9,4 – 11,3
     1,80 – 1,85        750 – 850            11,3 – 12,8

* De ruwvoerbehoefte van paarden is ongeveer 1,5 procent van het lichaamsgewicht.

Benutting van paardenvoer bij gebitsproblemen

Voor het voorkomen van verhongeren en conditieverlies van oudere paarden met gebitsproblemen is een juiste keuze in soorten en type paardenvoer van belang .

De darmen behoren continu gevuld te zijn, hiervoor moeten paarden overdag en ’s nachts beschikking over ruwvoer hebben. Een goede vuistregel voor de hoeveelheid ruwvoer is 1,5 kilo per 100 kilo lichaamsgewicht.

Als paarden problemen met eten hebben dan is het moeilijk of niet mogelijk om hun ruwvoerbehoefte te voorzien met hooi.

Makkelijk of moeilijk te vermalen paardenvoer

Dit zal beter gaan met een ‘makkelijk te kauwen’ producten zoals bietenpulp en kunstmatig gedroogd gras. De beschikbaarheid van nutriënten van de meeste makkelijk te kauwen producten is beter dan die van moeilijker kauwen producten.

De tabel maakt dit inzichtelijk. Omwille van de eenvoud zijn Calcium/Fosfor-verhouding, de energie- en eiwitwaarden en de suikergehalten niet vermeldt. Deze tabel geeft snel inzicht in de kauwmogelijkheden en de verteerbaarheid van ruwvoer.

moeilijk > makkelijk te kauwen
Beschikbaarheid  nutriënten (*)
hooi, landgewonnen luzerne                 – – –
voordroog kuilgras                    – –
snijmais kuil                     + +
kunstmatig gedroogde luzerne                     – +
kunstmatig gedroogd gras                     + +
natte bietenpulp                 + + +
slobber
(zemelen plus geweld lijnzaad)
                     + +
gras- en luzernebrok
(zacht gemaakt met vocht)
                  + + +
jong weidegras
(tot ongeveer een handbreedte hoog)
               + + + +
  • * + + + goed beschikbaar “zonder” kauwarbeid.
  • *  – – – niet goed beschikbaar voor een paard met een gebitsprobleem.  

Laat ‘periodiek’ het gebit controleren door een ervaren gebitsverzorger zeker als paarden eetproblemen hebben. Voor meer informatie over voeding van seniore paarden & oudere paarden met gebitsproblemen.

Vragen en opmerkingen

Plaats een reactie als je vragen en opmerkingen hebt. Ik help je graag verder.

Dit bericht is geplaatst in Paardenvoeding met de tags , , , , , , . Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *